|
Veluwe - Voorzichtig scharrelen een zeug en vijf biggen over het veldje middenin in de Harderwijkse bossen. Alert, maar toch weer gulzig doen ze zich tegoed aan het gestrooide maïs. Afgelopen donderdag trokken ruim honderd wildbeheerders de Veluwse bossen in om zwijnen te tellen.
door Nico de Bruijne Het is een drukte van belang bij de Jachtschietvereniging de Beukenhorst in Elspeet. De parkeerplaats is al snel te klein voor de grote fourwheeldrives die een plekje zoeken. Op het terras wordt nog een sigaartje gerookt en flink wat handen geschud door oude bekenden. Tegen elk modeverschijnsel in regeert het camouflagegroen en kaki als kledingkleur. Elk jaar tellen ruim honderd vrijwilligers op twee of drie avonden de wilde zwijnen. ,,Je kunt ze natuurlijk nooit allemaal tellen, maar wel een goede inschatting maken hoe de wildstand is’’, zegt Ger Verwoerd, van de Wildbeheer Eenheid en werkzaam bij het Geldersch Landschap. ,,Het komt allemaal best wel nauw. De tellingen zijn alleen schattingen, daarna wordt er nog een hele berekening gemaakt.’’ De wildbeheerders gaan in tweetallen uit elkaar. Meestal bestaan de groepjes uit een jager en iemand van buiten het gebied van bijvoorbeeld Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer of een gemeente. ,,De hoofdteller wordt zo altijd gecontroleerd door een tweede onafhankelijk persoon’’, zegt Verwoerd. ,,Zo voorkom je een soort belangenverstrengeling. Een jager stelt niet alleen de wildstand vast, dat wordt altijd gecontroleerd.’’
Uitgerust met verrekijker gaat ook de boswachter van de Harderwijkse bossen Roel Janssen op stap, deze avond gecontroleerd door een journalist... ,,Ik weet wel wat hier ongeveer rondloopt, maar het is altijd afwachten.’’ Op een veldje achteraf in het bos heeft Janssen een paar flinke handen maïs gestrooid. ,,Dan blijven de dieren wat langer op het veld en kun je ze goed bestuderen.’’ Klokslag zeven uur ‘s avonds moet iedereen op zijn plek zitten en precies drie uur en een kwartier later die plek weer verlaten. ,,Dat is om zoveel mogelijk dubbele tellingen te voorkomen’’, weet Janssen. ,,Anders is de kans groot dat het wild weer gaat lopen en naar een volgende telplaats gaat.’’ Daarnaast wordt tussen de verschillende tellers ook weer overlegd of ze dezelfde zwijnen hebben genoteerd. De eerste uren in de wildhut is het opvallend rustig. Naast twee konijntjes en een vijftal houtduiven die zich ook tegoed doen aan de maïs, is het rustig. Een klein goudhaantje trekt nog even de aandacht en in de verte is de roep van een zwarte specht te horen. Maar net voor tienen komen uit het zuiden een zeug met een vijftal biggen en een overloper (een zwijn van een jaar oud) aangehobbeld. Eerst wordt de modderpoel door het groepje ‘gecontroleerd’, daarna lopen ze voorzichtig naar het veldje, waar inmiddels ook een jonge keiler (mannetjes zwijn) is gearriveerd. Het mannetje jaagt af en toe in een woeste bui de zeug van het veldje af, en er is wat heen en weer geknor. Maar de ‘buit’ is binnen. Na een grondige studie met de verrekijker noteert Janssen alle kenmerken in zijn rapport. En dan weer terug naar de Beukenhorst. Daar druppelen langzaam alle mensen weer binnen en worden de gegevens door Verwoerd in de computer gerammeld. In de gesprekken komt al een beetje naar voren dat er toch wel flink wat is geteld. ,,Maar het is belangrijk om de zwijnenstand wel goed in de gaten te houden’’, benadrukt Janssen. ,,De dieren planten zich heel erg snel voort. Soms werpen ze twee keer per jaar. De zwijnenstand kan na een jaar vertienvoudigd zijn. Jagen doen we niet voor de lol. Het is ook eigenlijk geen jacht meer zoals vroeger, het is veel meer wildbeheer. Als we het niet doen, weet je zeker dat je problemen krijgt met zwijnen die de dorpen inlopen en een hogere kans op aanrijdingen.’’ Het zijn dan ook geen macho’s met grote geweren die de zwijnen tellen die ze in het najaar af mogen schieten. ,,We zijn allemaal gek op de natuur. Daarbij gaat het er best wel streng aan toe. Je kunt gewoon niet zomaar van alles afschieten. Ik heb wel eens honderd uur op een hoogzit gezeten, voor ik uiteindelijk het juiste zwijn op de korrel kon nemen. Het is echt voor liefhebbers.’’ Ondertussen wordt door menig jager de beroemde gehaktbal van de Beukenhorst verorberd. Om elf uur roept Ger Verwoerd nogmaals om de aandacht. De uitslag is er. ,,Maar het zegt nog niets over de uiteindelijk wildstand’’, waarschuwt hij. ,,Maar vanavond zijn er 177 volwassen zwijnen en 221 biggen geteld. Dat zijn er meer dan vorig jaar bij de eerste telling.’’ Met een doelstand van rond de 200 zwijnen op dit deel van de Veluwe, betekent dat toch een aardig overschot. Maar op de uitslag of er ook werkelijk weer meer zwijnen in de bossen rondlopen moeten ze nog een paar weken wachten, tot de computer het werk heeft gedaan. http://www.hetkontaktveluwsnieuwsblad.nl
|