1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9

Foto: Jan Paulides

Gewicht: keiler ca. 100 kg, zeug ca. 70 kg

Kleur : gestreept, bruin, zwart

Komt voor: op Veluwe, Limburg (Meinweg)

Aantal: doelstand ca. 800 stuks
(voorjaarsstand 2003 ca. 5000 stuks, 2006 ca. 6000 stuks, 2007 ca. 6.500 stuks)


Nadere kennismaking met het wilde zwijn

Het wilde zwijn was al een tijdgenoot van de mammoet en de holenbeer en loopt dus al sinds tienduizenden jaren in alle gematigde klimaatzones van Europa en Eurazië rond.
Er zijn op de wereld vele soorten en ondersoorten wilde zwijnen, maar toch hebben ze allemaal dezelfde uitgesproken kenmerken zoals de lange, conisch toelopende kop met schijfvormige snuit, de kleine, diepliggende ogen, de zijdelings samengedrukte vorm en de korte stevige poten.

In ons land werd het wilde zwijn, ook wel zwartwild genoemd, met de toenemende ontbossing en de intensiever wordende landbouw vanaf de 17e eeuw uit de westelijke provincies verdrongen naar de armere gronden totdat het rond 1900 praktisch geheel was uitgeroeid.
Er waren nog enkele exemplaren op de Veluwe en soms werd een verdwaald zwijn in de grensgebieden waargenomen.

Toen Prins Hendrik grote stukken van het Kroondomein liet inrasteren werden in het begin van de vorige eeuw naast edelherten ook wilde zwijnen uit zijn geboorteland en Oost-Europa uitgezet ten behoeve van de jacht. Ook op de Hoge Veluwe en de huidige Imbosch was dat het geval.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn door slecht onderhouden rasters zwijnen ontsnapt die zich verspreiden over de Veluwe en deze dieren zijn de voorouders van de huidige populatie.

Het wilde zwijn werd lange tijd gezien als een schadelijke diersoort voor de landbouw en werd daarom het gehele jaar bejaagd. De stand bleef daardoor tot de bescherming in 1972 op een laag niveau.
Nu op de Veluwe de meeste landbouwgronden zijn uitgerasterd komen wilde zwijnen in variërende dichtheden voor op de hele Veluwe. Een kleine populatie is ook te vinden in het Midden-Limburgse Meinweggebied. Deze dieren wisselen uit met soortgenoten uit Duitsland.

Wilde zwijnen variëren enorm in gewicht, al naar gelang het voedselaanbod. Er zijn volwassen varkens van 40 kg, maar in Oost-Europa zijn gewichten bekend van ruim 350 kg voor volwassen keilers. In ons land zal het gewicht niet de 120 kg passeren.
De slagtanden van de keilers, houwers genoemd, kunnen tot 25 cm lang worden en vormen geduchte wapens. Wilde varkens worden zelden ouder dan 10 jaar.
De frislingen (biggen) worden normaal gesproken in het vroege voorjaar geboren, 1 tot 9 per worp, dit al naar gelang de leeftijd en de conditie van de zeug.

Leefwijze wild zwijn

Behalve de oudere beren, keilers genoemd, zijn varkens erg sociaal en leven in familieverbanden.
De volwassen zeugen zijn dominant. De familiegroep, de rotte, bestaat verder uit hun biggen en vrouwelijke biggen van de vorige worp, overlopers genaamd. De mannelijke overlopers worden uit de rotte gejaagd.
Mits er voldoende voedsel aanbod is, zijn de verschillende rottes vrij honkvast en vreemde varkens worden niet in hun leefgebied geduld. Bij een verminderd voedselaanbod wordt het leefgebied van de varkens groter.

Foto: Jan Paulides
Zeugen , vrouwelijke overlopers en biggen vormen een hechte groep


Varkens zijn alleseters, omnivoren, maar hun voedsel is gemiddeld voor 95% plantaardig: naast wortels van loofbomen en varens, grassen, vruchten en mast (eikels en beukennootjes).
Zij kunnen plaatselijk enorme schade aanrichten in percelen maïs en aardappelen. Ook worden soms sportvelden en hele tuinen omgewoeld.
Dierlijke eiwitten zijn voor varkens onontbeerlijk en zij kunnen uren wroeten voor insectenlarven en wormen. Ook kadavers van wild, eieren van grondbroeders en zelfs reptielen worden niet versmaad.

Bronsttijd, draagtijd en geboorte

Het gewicht van de zeug bepaalt het tijdstip van ovulatie, jonge zeugen worden onder goede voedselomstandigheden vaak al op 1-jarige leeftijd beslagen. Normaal vindt dit plaats in de late herfst van november tot en met januari. Onderling kunnen keilers heftig vechten en ze worden in de bronstperiode beschermd tegen de scherpe slagtanden door een soort pantser van vet en bindweefsel dat op de schouderbladen zit.

Bedreigingen / beheer

Het wilde varken is volledig beschermd in de Flora- en Faunawet.
De soort wordt niet bedreigd en aantallen kunnen wel aanzienlijk fluctueren, al naar gelang het voedselaanbod.
Per jaar vallen er bij wilde varkens tussen de 100 en 200 verkeersslachtoffers.
Varkens kunnen veel schade aanrichten in landbouwgebieden.
Door de provinciale overheden zijn voorjaarsstanden vastgesteld, op de Veluwe ongeveer 800 stuks, en hierdoor wordt jaarlijks, na de tellingen en berekeningen, afschot verricht, uitgevoerd door mensen met een gedegen kennis van de soort.

Foto: Jan Paulides Na een draagtijd van 3 maanden, 3 weken en 3 dagen (114 tot 118 dagen) worden tot maximaal 9-10 biggen geboren, maar de zeug heeft maar 8 tepels, zodat er uiteindelijk zelden meer dan 8 biggen bij een zeug worden gezien. Vaak sterven een aantal biggen door kou en vocht.


Image De eerste drie maanden zijn de biggen gestreept, ze worden door de bagge goed verdedigd tegen allerlei gevaar.

Foto: Jan Paulides
De strepen geven een uitstekende camouflage.