1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9

Ogen van herten hebben langgerekte pupillen in tegenstelling tot bijvoorbeeld katten en mensen, die ronde pupillen hebben. Herten hoeven alleen de omgeving in de richting de horizon in de gaten te houden. Doordat hun pupil langgerekt is, kan het hert daardoor een breder zichtveld waarnemen. Tevens bevat het oog van een hert voornamelijk z.g. staafjes en minder kegeltjes. De kegeltjes, waarmee het netvlies bedekt is, werkt het beste in fel licht. Staafjes zijn erg lichtgevoelig en hiermee kan in donkere situaties beter gekeken worden. Kegeltjes maken kleurwaarneming mogelijk en hiermee is het zicht scherper en kunnen sneller veranderingen in het beeld worden waargenomen dan met staafjes. Om beweging door herten goed te kunnen waarnemen is de pupil langgerekt in de breedte om het gemis van bewegingsgevoeligheid in het donker te compenseren. Door de plaatsing van de ogen bijna aan de zijkant van het hoofd, heeft een hert een zichtsveld van bijna 360˚, Een hert ziet dus minder goed kleuren, maar des te beter bewegingen. Maar er is nog een bijzonderheid in het oog van een hert. Hij is namelijk cardanisch 'opgehangen' in de oogkas. Onafhankelijk van de stand van het hoofd blijft het oog horizontaal !!! Zie hieronder het oog van een damhert.