1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 | 24 | 25 | 26 | 27 | 28 | 29 | 30 | 31 | 32 | 33 | 34 | 35 | 36 | 37 | 38 | 39 | 40 | 41 | 42 | 43 | 44 | 45 | 46 | 47 | 48 | 49 | 50 | 51 | 52 | 53 | 54 | 55 | 56 | 57 | 58

Stipt 16:00 uur waren alle deelnemers aan deze bronstexcursie van VhE aanwezig op de parkeerplaats van de Plantage Willem III in Elst (Utr.). Het is 23 oktober, we krijgen eerst een korte uitleg over de damhertbronst en de prachtige natuur van deze oude tabaksplantage. Onder leiding van Frederieke Linthorst van VhE en Joost Rink van het Utrechts Landschap werd een route gelopen in het bos en heidegebied waar Joost als bioloog een zeer interessante uitleg gaf over zaken die het gebied zo uniek maken. Liggend aan het einde van de Utrechtse Heuvelrug, gevormd door de ijstijd wees hij ons op de nu nog zichtbare sneeuwsmeltwaterdalen, prehistorische grafheuvels, bijzondere heidevegetatie en bosontwikkeling.

Een schaapherder met zijn schapen zorgt geregeld voor begrazing waar dit extra nodig is.

Ook kwam het beheer van de grote grazers zoals de duidelijk aanwezige ca. 50 winterharde konikpaarden en ca. 50 galloway runderen aan de orde. Door voorjaarstellingen houdt men de vinger aan de pols en wil men dit aantal ongeveer gelijk houden. Boventallige dieren worden ingevangen en mogelijk verplaatst naar andere natuurgebieden of geslacht. 

De damherten worden ook ieder voorjaar geteld, dit jaar zijn er 65 dieren genoteerd. Voorlopig vindt men dit een mooi aantal en wordt er niet gedacht aan uitbreiding van de populatie damherten omdat het gebied geen hertenkerend raster heeft. Beheer d.m.v. afschot is jaarlijks de manier om dit aantal dieren op peil te houden. Bij te grote aantallen damherten in dit gebied komt er overbegrazing en voedselnijd en is de nodige rust niet meer gegarandeerd, herten (vaak de jonge mannetjes) kunnen hierdoor het gebied uit gaan. Dat zou ook de biodiversiteit in het gebied aantasten! Utrechts Landschap laat zien dat zij als terreinbeherende organisatie (TBO) door goed beheer het voor elkaar krijgt om in een relatief klein gebied een levensvatbare populatie damherten te houden zonder echte landbouwschade of aanrijdingen (geen meldingen in 2020). Chapeau! Begeleid door een krassende raaf lopen we verder en stuiten op een damhert mannetje wat op 20 meter van onze groep blijft staan om zich uitgebreid te laten fotograferen. Een duidelijk teken dat het dier niet bang is voor de mensen niet associeert met een geweerschot! 

Van ver horen we nu ook de bronstroep van een damhert, een sterk snurkend geluid wat ook wel het knørren wordt genoemd. Het hert maakt een bronstkuil waarin hij gaat liggen, met dat knørren lokt hij de hinden. Er kunnen zo diverse herten in een bos een kuiltje hebben waar de hinden uit kunnen kiezen! Wel gehoord maar de dieren blijven voor ons onzichtbaar!

Boven dit bronstgeluid uit horen we regelmatig een storend soort ‘vlam in de pijp’ gebrom van een tractor, langzaam doorlopend zien we een oude David Brown tractor met een even oude zaaimachine die een akker aan het inzaaien is met winterrogge. Weer eens wat anders wat je niet vaak in een rustgebied tegenkomt. Bij het eggen van de akker had men nog een geweistang van een damhert ‘opgeharkt’. Deze akker dient als biodiversiteitsverbetering van het gebied en wordt volgens de boer ook regelmatig door de damherten bezocht, vooral als het graan rijp is. 

Vanuit hier lopen we langs een oude en bewoonde tabaksboerderij naar de natuurbrug die de plantage Willem III verbindt met de Elster Buitenwaard. Deze, ongeveer 140 ha buitendijkse polder, grenzend aan de Nederrijn vindt momenteel natuurontwikkeling plaats. Op deze natuurbrug hebben we een goed uitzicht over deze polder en genieten we van een prachtige zonsondergang. 

Als afsluiting van deze mooie middag komt een koppel grauwe ganzen met een fly-over afscheid nemen en spoeden we ons naar de parkeerplaats voor een hapje en drankje uit de ‘kofferbak’. Dank aan onze gastheer Joost Rink voor deze mooie tocht, Frederieke Linthorst voor de begeleiding en Olinda Paulides voor de coördinatie van dit alles op afstand.